Tijdsverloop DNA bij veroordeelden kan reden zijn tot weigering opname in DNA-databank

Geplaatst op: 15 maart 2021

We maken het regelmatig mee dat de officier van justitie pas jaren na een veroordeling op de proppen komt met een bevel tot afname van DNA bij veroordeelden. De vraag is of dat nog wel kan.

Lees meer >


Hoge Raad: jonge leeftijd en first offender is op zich nog geen uitzondering voor afname DNA

Geplaatst op: 04 februari 2021

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat in het door de wetgever beoogde systeem van ruime afname van DNA-materiaal slechts plaats is voor de twee in de Wet DNA-onderzoek bij veroordeelden genoemde uitzonderingen en dat er geen ruimte is voor een generieke uitzondering voor minderjarigen. De enkele jonge leeftijd en het feit dat veroordeelde first offender is doen hier niet aan af (HR 7 april 2020, ECLI:NL:HR:2020:626).

Lees meer >


Tijdsverloop is geen bezwaargrond bij te laat gegeven beval afname DNA na veroordeling

Geplaatst op: 08 mei 2019

De wettelijke regeling en i.h.b. art. 2, eerste lid van de Wet staan er niet aan in de weg dat de veroordeelde celmateriaal wordt afgenomen en het DNA-profiel van de veroordeelde wordt bepaald en verwerkt, ook wanneer sprake is van een onnodig lang tijdsverloop tussen de veroordeling en het bevel tot afname van celmateriaal. Wel blijkt uit de wetsgeschiedenis dat het i.v.m. met de voorkoming, opsporing, vervolging en berechting van strafbare feiten van de veroordeelde van belang is dat het bevel tot afname van celmateriaal door de officier van justitie zo spoedig mogelijk na de veroordeling wordt gegeven. In gevallen dat daaraan niet wordt voldaan, kan evenwel niet worden gezegd dat de veroordeelde daardoor in enig rechtens te respecteren belang is geschaad. Daarbij verdient opmerking dat de in art. 18 van het Besluit voorgeschreven bewaartermijnen van DNA-profielen reeds aanvangen wanneer een einduitspraak a.b.i. de art. 351 en 352, tweede lid, Sv is gedaan, en dus losstaan van het moment waarop het bevel wordt gegeven (HR 13 september 2016, ECLI:NL:HR:2016:2073).

Lees meer >


EHRM: Dna na veroordeling is een ontoelaatbare en disproportionele inbreuk op art. 8 EVRM

Geplaatst op: 20 mei 2017

Dna na veroordeling is een ontoelaatbare en disproportionele inbreuk op art. 8 EVRM, vlg Peruzzo, Martens t. Dtl 4 juni 2013 en S en Marper t. Vk 4-12-08. Het is alleen gerechtvaardigd via lid 2 mits:

  • ‘in accordance with the law’ maar is dan voorzienbaar bij wet welke strafbare feiten hieronder vallen? Dit moet duidelijker worden aangegeven.
  • het gaat om een ‘legitimate aim’ dwz wordt door afname nieuwe strafbare feiten voorkomen en levert het een bijdrage aan bescherming van de samenleving?;
  • ‘neccesary in a democratic society’ dwz gaat het om ernstige sf en is reële verwachting van recidive?

Uitgangspunt EHRM: privacy dient jeugdige te beschermen nu hij moet kunnen leren van fouten.

Lees meer >


Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden