Redelijke termijn in ontnemingsprocedure

In de ontnemingsprocedure gelden in beginsel dezelfde termijnen voor de redelijke termijn als in de strafzaak.

Bijkomende factoren beoordeling redelijke termijn ontnemingsprocedure

De redelijkheid van de duur van een zaak is afhankelijk van onder meer de volgende omstandigheden:
(..)
d. dat de afdoening van de zaak als gevolg van het bepaalde in art. 36e, eerste lid, Sr mede afhankelijk is van de termijn die met de behandeling van de strafzaak is gemoeid, en
e. dat de ontnemingszaak, naar volgt uit art. 511b, eerste lid, Sv, zo spoedig mogelijk doch in elk geval binnen twee jaren na de uitspraak in eerste aanleg in de strafzaak nog aanhangig kan worden gemaakt.

Gevolgen schending redelijke termijn in ontnemingsprocedure

In ontnemingszaken kunnen de volgende gevolgen worden verbonden aan een schending van de redelijke termijn:|
A. Het door de laatste feitelijke instantie vastgestelde ontnemingsbedrag pleegt op overeenkomstige wijze te worden verminderd. De vermindering bedraagt echter in beginsel niet meer dan € 5.000, -.
B. In bijzondere gevallen volstaat de Hoge Raad met het oordeel dat de geconstateerde verdragsschending voldoende is gecompenseerd met de enkele vaststelling dat inbreuk is gemaakt op art. 6, eerste lid, EVRM, bijvoorbeeld indien in de (nagenoeg) gelijktijdig behandelde strafzaak strafvermindering wordt toegepast op grond van overschrijding van de redelijke termijn.

 

Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden