Gevangenhouding

De gevangenhouding is de vierde fase van het voorarrest. Nadat de verdachte eerst voor maximaal 14 dagen in bewaring heeft gezeten, kan de officier van justitie een vordering tot gevangenhouding doen. De vordering tot gevangenhouding wordt behandeld door de raadkamer gevangenhouding van de rechtbank. Drie rechters moeten dan beslissen over de vraag of de verdachte nog langer in voorlopige hechtenis moet blijven.

Gevallen gevangenhouding

De gevangenhouding van een verdachte is alleen toegestaan wanneer er sprake is van een van de feiten waarvoor voorlopige hechtenis is toegelaten.

> Meer informatie gevallen gevangenhouding

Gronden gevangenhouding

Bewaring is alleen mogelijk indien er gronden aanwezig zijn voor de toepassing van voorlopige hechtenis. In artikel 67a Sv. zijn deze gronden opgenomen:

  • Ernstig gevaar voor vlucht
  • Feit waarop 12 jaar of meer maximum gevangenisstraf is gesteld en het tot maatschappelijke onrust zou leiden wanneer de verdachte in vrijheid zou worden gesteld
  • Gevaar voor herhaling van een feit waarop 6 jaar of meer maximum gevangenisstraf staat, of een feit waardoor de gezondheid of veiligheid in gevaar kan worden gebracht of algemeen gevaar voor goederen kan ontstaan
  • Eerdere veroordeling van minder dan 5 jaar geleden voor bedreiging, mishandeling, diefstal, verduistering, oplichting, vernieling, of heling
  • Onderzoek dat de politie nog moet verrichten, dat mogelijk bij invrijheidstelling van de verdachte zou kunnen worden gefrustreerd of belemmerd

> Meer informatie gronden gevangenhouding

Duur gevangenhouding

De gevangenhouding mag voor maximaal 90 dagen worden opgelegd. De rechtbank kan er echter ook voor kiezen om eerst de gevangenhouding voor 14 of 30 dagen op te leggen, waarna wederom een raadkamerzitting kan komen indien de officier van justitie een vordering tot verlenging van de gevangenhouding indient.

N.B. In artikel 493, vierde lid, Sv wordt voor minderjarige verdachten bepaald dat een bevel tot gevangenhouding of gevangenneming een termijn van dertig dagen niet te boven kan gaan indien de rechtbank de verdachte niet heeft gehoord. Dit geldt echter niet voor een verlenging van de gevangenhouding (Hof Den Haag 24 september 2015, ECLI:NL:GHDHA:2015:2608).

Verweren rechtmatigheidstoets en bewaring

De advocaat kan tijdens de raadkamerzitting goed verweer voeren tegen de vordering tot gevangenhouding. De volgende verweren kunnen worden gevoerd:

  • Er bestaan geen ernstige bezwaren voor de feiten waarvan de verdachte wordt gevoerd
  • Er zijn geen gronden om de verdachte langer binnen te houden
  • De voorlopige hechtenis dreigt langer te duren dat de gevangenisstraf die voor het feit hoogstens aan de verdachte kan worden opgelegd (art. 67a lid 3 Sv.)
  • De voorlopige hechtenis moet geschorst worden vanwege de persoonlijke omstandigheden van de verdachte

> Meer informatie verweren gevangenhouding

Aanvang gevangenhouding

De gevangenhouding vangt aan op de dag nadat de bewaring afloopt. Het is dus niet zo dat de gevangenhouding altijd meteen ingaat op de dag van de uitspraak.

Deel deze paginaShare on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden