Voorwaarden bij voorwaardelijke invrijheidstelling

Aan de voorwaardelijke invrijheidstelling kunnen de volgende voorwaarden worden verbonden:

Algemene voorwaarden voorwaardelijke invrijheidstelling
Aan de voorwaardelijke invrijheidstelling worden de volgende algemene voorwaarden verbonden:

  • De voorwaardelijke invrijheidstelling geschiedt van rechtswege onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit (artikel 15a lid 1 Sr). Het begaan van een strafbaar feit is een grond voor herroeping van de v.i.
  • dat de veroordeelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit medewerking verleent aan het nemen van één of meer vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van de wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt en
  • dat de veroordeelde medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen

Bijzondere voorwaarden voorwaardelijke invrijheidstelling
In de adviezen van DJI, de reclassering en het OM wordt aandacht besteed aan (mogelijke gronden voor uitstel of achterwege laten van de v.i. en) één of meer bijzondere voorwaarden die zijn aangewezen. Daartoe is het van belang dat in de adviezen aandacht wordt besteed aan eerdere interventies, zoals bijvoorbeeld eerdere in het kader van andere (deels) voorwaardelijke straffen opgelegde bijzondere voorwaarden. Er moet van worden uitgegaan dat de reclassering het advies tot het stellen van bijzondere voorwaarden heeft getoetst op uitvoerbaarheid en haalbaarheid. De v.i.-gestelde wordt onder betekening van de beslissing op de hoogte gesteld van de gestelde bijzondere voorwaarde(n) en de bijbehorende proeftijden. Nadere regels omtrent het beslissen over bijzondere voorwaarden bij v.i. en het uitoefenen van toezicht hierop zijn te vinden in het Uitvoeringsbesluit voorwaardelijke invrijheidstelling

Bijzondere voorwaarden die aan de v.i. kunnen worden verbonden zijn (artikel 15a lid 3 Sr):

  1. een verbod contact te leggen of te laten leggen met bepaalde personen of instellingen
  2. een verbod zich op of in de directe omgeving van een bepaalde locatie te bevinden
  3. een verplichting op bepaalde tijdstippen of gedurende een bepaalde periode op een bepaalde locatie aanwezig te zijn;
  4. een verplichting zich op bepaalde tijdstippen te melden bij een bepaalde instantie;
  5. een verbod op het gebruik van verdovende middelen of alcohol en de verplichting ten behoeve van de naleving van dit verbod mee te werken aan bloedonderzoek of urineonderzoek;
  6. opneming van de veroordeelde in een zorginstelling gedurende een bepaalde termijn, ten hoogste gelijk aan de proeftijd
  7. een verplichting zich onder behandeling te stellen van een deskundige of zorginstelling gedurende een bepaalde termijn, ten hoogste gelijk aan de proeftijd;
  8. het verblijven in een instelling voor begeleid wonen of maatschappelijke opvang gedurende een bepaalde termijn, ten hoogste gelijk aan de proeftijd;
  9. het deelnemen aan een gedragsinterventie;
  10. andere voorwaarden, het gedrag van de veroordeelde betreffende, waaraan deze gedurende de proeftijd heeft te voldoen.

Volgens lid 4 van artikel 15a Sr kan aan een bijzondere voorwaarde elektronisch toezicht worden verbonden. Steeds moet worden beoordeeld of de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de veroordeelde die een bijzondere voorwaarde met zich kan brengen, proportioneel is.

Deel deze paginaShare on Facebook
Facebook
Tweet about this on Twitter
Twitter
Share on LinkedIn
Linkedin
Direct contact met een advocaat?
Meld gratis en vrijblijvend uw zaak aan.
Zaak aanmelden